Zweedse prijs voor de Taiwanese Chen Yuhong

Deze week werd bekend dat de Taiwanese dichteres Chen Yuhong de Zweedse Cicada-prijs voor haar hele oeuvre heeft gekregen. Wat een verrassing voor haar! En toevallig was ik net sinds januari bezig een selectie van haar werk te vertalen.

De jury omschrijft haar werk als “characterized by strong musicality and sensuality, as well as a proximity to nature that exhibits the same mixture of awe and longing for exploration as Harry Martinson’s.”

De prijs is vernoemd naar de gelijknamige bundel uit 1953 van deze Zweedse Nobel Prijswinnaar. De atoombommen op Japan en de uitvinding van de waterstofbommen hadden een grote impact op het werk van Martinson, die een grote interesse had voor de Japanse, Koreaanse en Chinese literatuur. De initiatiefnemers van de prijs geloven dat poëzie uit die landen wereldwijd meer aandacht verdient, en daarom wordt de prijs, sinds 2004, ieder jaar uitgereikt aan een Oost-Aziatische dichter die “in the spirit of Harry Martinson, protects the inviolability of life.”

Wat een mooi streven en hoe passend dat Chen Yuhong deze prijs ten deel is gevallen, eens te meer wellicht omdat zij zelf ook als poëzie vertaalster werkt, van niet de minsten schrijvers: Ann Carson, Carol Ann Duffy, Margaret Atwood, Sappho….

Het werk van Chen Yuhong is erg divers, maar vertrekt vrijwel altijd vanuit natuurbeelden. Hier twee gedichtjes uit haar bundel , die 19 oktober in het Nederlands verschijnt bij het Poëziecentrum, met als titel “De zon verschrompelt tot een dwerg”.

DE MIST DIE DAG
de bomen die dag
omarmden de berg
als een groene slang
de vulkaan had toverkracht
warme bronnen waren
een kokend voorspel
de wind zacht
masserend
de vallei hield de adem in
de lucht was loom
alles was voldoende
en zo
verscheen
de mist
in de mist zagen wij
miscanthus
wrijven tegen
elkaars slapen
de mist die dag
verspreidde zich naar onze ogen
in de verte de gezangen uit de tempel
wij luisterden
luisterden
zonder te zoeken

 

PARTHENOGENESE

onze geschiedenis begint in het perm.
we verlangen maar weinig, aan het sap van de cycaspalm hebben we al  genoeg.
bij warm weer planten wij ons aseksueel voort via meiose, generatie na generatie, als ovoviviparie is elk kind een perfecte kopie. wanneer het koud wordt, laat het gebrek aan zonlicht en voedsel ons gebrekkige kinderen voortbrengen. sommigen worden geboren met amblyopia, anderen hebben geen vleugels of mond; het zijn allemaal puur mannetjes, met een onvolledig X-chromosoom, hierdoor zijn ze niet in staat zich zelfstandig te reproduceren.
het elimineren van fouten is een natuurwet.
zodoende hebben wij bladluizen een stabiele vrouwenwereld.

 

DE MIST DIE DAG
de bomen die dag
omarmden de berg
als een groene slang
de vulkaan had toverkracht
warme bronnen waren
een kokend voorspel
de wind zacht
masserend
de vallei hield de adem in
de lucht was loom
alles was voldoende
en zo
verscheen
de mist
in de mist zagen wij
miscanthus
wrijven tegen
elkaars slapen
de mist die dag
verspreidde zich naar onze ogen
in de verte de gezangen uit de tempel
wij luisterden
luisterden
zonder te zoeken

Het volledige jury rapport prijs vermeldt:

The 2022 Cicada Prize is awarded to Taiwanese poet Chen Yuhong “for her poetry characterized by strong musicality and sensuality, as well as a proximity to nature that exhibits the same mixture of awe and longing for exploration as Harry Martinson’s. ” The prize, which is awarded with the support of the Swedish Institute, consists of SEK 30,000 and a work of art by ceramic Gunilla Sundström, and is awarded every year to an East Asian poet who, in the spirit of Harry Martinson, protects the inviolability of life.

Chen Yuhong was born in 1952 in Kaohsiung, Taiwan. As a young girl, she studied English and foreign literature at the Wenzao Ursuline College of Languages in Kaohsiung, but classical Chinese literature was also included in the education. Among her sources of inspiration are writers such as Rilke, Czesław Miłosz and Jaques Prévert, but also Chinese poets from the Tang and Song dynasty, as well as Buddhist and Daoist philosophy.
She debuted in 1996 with Guānyú shī, and has these days released her eighth collection of poems. In her deeply musical poetry, ecstatic sensuality is blended with meditative calm.

Chen Yuhong also works as a translator. She lived for more than a decade in Canada and has translated a number of works by Canadian and American writers such as Margaret Atwood, Anne Carson and Louise Glück. Like Glück and Carson, she is also interested in European antiquity and has written, for example, the poetry collection Su intresserady tern (2004), where her own poems are in dialogue with translated Sappho fragments.

Een nieuwe vertaling, associaties bij poëzie

Sinds enkele weken werk ik aan een selectie van vijftig gedichten van de dichteres Chen Yuhong 陳育虹. Ik lees, selecteer en maak de eerste vertalingen, dat wil zeggen: ik maak eerste ruwe versies. Die begintijd is altijd een leuke, eentje van grasduinen en ontdekkingen doen, eromheen lezen, voordrachten op youtube beluisteren. Beetje bij beetje doordringen tot de essentie van deze poëzie. Nadenken over de woordkeuze, de woordvolgorde.

Chen Yuhong werd geboren in 1952 in Kao-hsiung, Taiwan. Ze publiceerde haar eerste poëziebundel in 1996, relatief laat voor een poëziedebuut, maar inmiddels behoort ze tot de meest gerenommeerde dichters van het land. Zelf werkt ze ook als vertaalster, en niet van de minste schrijvers: ze publiceerde onder meer selecties gedichten van Sappho, Louise Glück, Margaret Atwood, Carol Ann Duffy, Ann Carson, Elisabeth Bishop. Hoewel Chen in haar werk wel vaker naar andere schrijvers refereert, zoals bijvoorbeeld naar klassieke Chinese poëzie als die van Li Qingzhao of Li Bai, is duidelijk dat vooral de schrijfsters die ze zelf heeft vertaald haar diep hebben geïnspireerd; onderhuids is de invloed van de klassieke poëzie ook voelbaar. Haar gedichten, nu eens met heel korte, dan weer met heel lange regels, zijn gedetailleerd en precies: met aandacht kijkt ze naar de wereld om haar heen en beschrijft die met gevoel voor evenwicht tussen beeld, structuur, betekenis en klank.

Hier een kort gedichtje, in het Chinees met mijn eerste, vrij getrouwe vertaling, vooral om straks in het najaar als de bundel uitkomt te zien wat er van die eerste vertaling is overgebleven! Want dit gedichtje lijkt heel simpel, alsof ik het vrij woordelijk in het Chinees kan omzetten. Misschien had Google Translate of Deeple het wel kunnen doen!

詩的聯想

詩是給將來的
你想到鏽紅的酒,壓抑
緩慢的滲透,沁
你想到泡沫
泡沫的閃躲,漂浮,顫慄

詩是給將來的,但愛
愛必須在現在
你想到懸崖
融化的懸崖,你順勢
滑了下去

associaties bij poëzie

poëzie is voor de toekomst
je denkt aan roestige wijn, ingehouden emoties
traag infiltreren, doorsijpelen
je denkt aan bubbels
wijkende bubbels, drijvend, bevend

poëzie is voor de toekomst, maar liefde
liefde is voor nu
je denkt aan een klif
een smeltende klif, waarlangs je zo
naar beneden glijdt

Er zijn verschillende dingen om in de vertaling over na te denken, zoals het verband tussen regel 2 en 3: de ingehouden emoties lijken datgene dat langzaam infiltreert, maar het verband is losjes omdat er letterlijk staat: “trage infiltratie”. De 泡沫 in regel 4 en 5 betekent: “schuim” of “bubbels”, maar schuim heeft in het Nederlands misschien een wat negatieve connotatie. Letterlijk is het Chinees in regel 5 omgekeerd: “het ontwijken, drijven, beven van bubbels/schuim”. Het 閃躲 betekent “ontwijken”, maar ik zie dat een Engelse en Franse vertaling spreken van “effervescing” en “effervescentes”. Zie ik iets over het hoofd? In de zevende regel staat letterlijk: liefde moet in het nu zijn, en het 順勢 in de negende regel is lastig goed op te lossen; het betekent: “zonder er moeite voor te hoeven doen, gemakkelijk”.

En wat zijn mijn associaties bij deze poëzie? Door de structuur worden poëzie en liefde niet enkel gecontrasteerd, maar naar mijn idee vraagt dit gedicht ook naar de relatie tussen poëzie en liefde. Ze worden als verschillend voorgesteld, de een voor de toekomst, de ander voor nu, maar toch… poëzie gaat zo vaak om liefde (in allerlei vormen), en liefde kan zo poëtisch zijn! En is poëzie voor de toekomst of juist ook voor nu? Of andersom: is liefde echt vooral voor nu of toch ook voor de toekomst? Mooi aan dit gedicht vind ik ook dat het een open einde heeft, want is het nu eigenlijk wel of niet fijn om langs een klif naar beneden te glijden?

En even voor de lol; dit maakt Google Translate ervan:

poëtische associatie

Poëzie is voor de toekomst
Je denkt aan roestige rode wijn, deprimerend
langzame penetratie,
je denkt aan bubbels
Ontwijken, zweven, trillen van het schuim

Poëzie is voor de toekomst, maar liefde
liefde moet nu zijn
denk je aan kliffen
Smeltende kliffen, u profiteert ervan
Naar beneden glijden

En Deeple:

Gedichten van vereniging

Poëzie is voor de toekomst
Je denkt aan roestige rode wijn, verdrongen
Langzaam sijpelend, doordringend
Je denkt aan bubbels
Een luchtbel van ontwijken, zweven, trillen

Poëzie is voor de toekomst, maar liefde
Liefde moet nu zijn
Je denkt aan een klif
Een smeltende klif, je glijdt naar beneden
En naar beneden glijden

Als ik dat lees, geloof ik dat ik als poëzievertaler voorlopig nog niet overbodig zal zijn.

Yang Mu’s poëzie: persoonlijk en universeel

Ik schreef dit keer een blog voor het platform China2025, over de poëzie van de vorig jaar overleden Taiwanese schrijver Yang Mu. Over zijn werk wordt wel gezegd dat het de perfecte versmelting is van Chinese én westerse tradities. Hij was bij uitstek een dichter die volledig aansloot op het aloude Chinese adagio: ‘Poëzie verwoordt wat het gemoed bezighoudt’ 詩言志
Lees het hier:

Een portret van de onzekerheid en zorgen van de mens

De dichtbundel De dood in een stenen schuilplaats van Lo Fu is in Taiwan een “moderne klassieker”. De bundel werd voor het eerst gepubliceerd in 1965, de dichter begon met het schrijven van het eerste gedicht in 1958, tijdens de bombardementen van China op het eiland Quemoy, waar Lo Fu destijds was gestationeerd als verbindingsofficier voor een militair radiostation; hij ontving de correspondenten uit andere landen die het front kwamen bezoeken. Maar de bundel is niet zomaar de neerslag van Lo Fu’s persoonlijke ervaringen: het is óók de uitdrukking van het existentiële drama van de generatie schrijvers die China in 1949 verliet en zich in Taiwan vestigde. En meer dan dat: het laat in zijn algemeenheid zien wat oorlog en geweld met mensen doet – denk aan Irak, aan Syrië, aan Afghanistan… Lo Fu zelf noemde het ‘een portret van de onzekerheid en zorgen van de mens in de moderne tijd; een eenzame schreeuw tussen leven en dood, liefde en haat, winst en verlies.’ Wat doen oorlog en geweld met een mens? Ik schreef er een gastblog over voor het China-platform China2025.

Letterlijken uit Taiwan: over de taligheid van Ye Mimi en het vertalen van haar poëzie

In 2018 verscheen bij uitgeverij Vleugels een bundeltje gedichten van de Taiwanese Ye Mimi, dat ik heb vertaald. Dat was een fantastische ervaring die me ook de nodige hoofdbrekens heeft bezorgd, want Ye Mimi vertrekt echt vanuit de mogelijkheden van de Chinese taal: klankherhaling, rijm, ritme, grapjes, ambiguïteit, woordspelletjes, verzonnen woorden, zelfstandige naamwoorden als werkwoord gebruiken, of de vormaspecten van het karakter als uitgangspunt voor een heel gedicht nemen. Haar poëzie heeft het allemaal, maar gelukkig niet allemaal tegelijk in hetzelfde gedicht! Mimi zoekt de grenzen van haar taal op, af en toe wringen de zinnen ook net een beetje, en ze werkt erg intuïtief en associatief. Al zijn sommige gedichten licht verhalend, de verzen zijn springerig en kunnen beelden aaneenrijgen zonder duidelijk verband. Ze gaan over de meest uiteenlopende zaken en lijken vaak een aaneenschakeling van snapshots uit het dagelijks leven, uit tekenfilms, of uit, zoals ze het zelf zegt, bizarre dromen, waarvan een titel als ‘een mot legde haar eitjes in mijn oksel en stierf toen’ (蛾在腋下產卵,然後死去) een goed voorbeeld is, want hoe vaak lees je over een mot in een oksel, laat staan in een gedicht? De titel van de bundel, Ik wist niet dat jij niet wist dat ik niet wist (我不知道你不知道我不知道, naar het titelgedicht) geeft al een indicatie van haar humoristische insteek.

Het was een hele uitdaging om te proberen dat alles in het Nederlands over te brengen, juist ook bij de gedichten die uitgaan van de typische karakteristieken van het Chinees. Soms moest ik het origineel daarvoor helemaal loslaten. Het gedicht ‘Kunst met een grote K’ bijvoorbeeld heeft in het Chinees een heel andere titel: 蟻鼠移樹姨叔遺書醫術已輸藝術. Zou je die karakter voor karakter vertalen, dan krijg je iets als: mier en muis verplaatsen bomen tante en oom testament geneeskunst al verliezen (van) kunst; ofwel, het woord voor kunst met zes homoniemen ervoor, waarvan alleen de tonen van de uitspraak verschillen. In transcriptie is dat: yǐshǔ yíshù yíshú yíshū yīshù yǐshū yìshù. Daarna volgt de aanbeveling om de titel vijfmaal snel achter elkaar te fluisteren.

Een tongbreker dus en die hebben we in het Nederlands ook wel, bijvoorbeeld ‘als achter vliegen vliegen vliegen vliegen vliegen vliegen achterna’, of die van de knappe kapper. Maar een tongbreker over kunst kon ik niet vinden en niet verzinnen, want ons ‘kunst’ is best een lastig woord, het rijmt zelfs maar met vier woorden (dunst, gunst, vunst, klunst), en variaties door letters weg te laten, de n, s of t of een combinatie daarvan, leverden ook al niet veel op. Andere woorden opschrijven die met ‘ku’ beginnen? Ach, nee. Een heel andere tongtwister verzinnen? Of het gedicht dan toch maar classificeren als onvertaalbaar en weglaten? Maar ik wilde dit specifieke voorbeeld graag behouden omdat de schrijfster zich hierin vrij expliciet uitlaat over haar kunstopvatting. Dus besloot ik het over een andere boeg te gooien: het gedicht spot met de aloude houding om kunst als iets heiligs te zien alleen omdat het Kunst is, en de herhaling van yishu kun je interpreteren als een manier om het woord te ontkrachten. En daarmee was in het Nederlands een heel andere titel geboren: Kunst met een grote K, een regel die we allemaal kennen en waarvan we gelijk de ironie zien. En wie weet kom ik ooit toch nog eens op een geschikte tongbreker (iets met ‘kunstige kunst aan de kust’?), want ook dat is leuk aan vertalen: het is nooit af en het kan altijd net ietsje anders.

Voor de bundel wilde ik ook養酉鬼 vertalen. Ye Mimi had dat gedicht op verzoek van een andere dichter geschreven op het thema ‘lelijk’, 醜. Daarvoor had ze dat karakter uit elkaar getrokken in de rechter- en linkerhelf, die de laatste twee karakters van de titel vormen, waarbij 酉 onder meer een tijdsaanduiding is, tussen vijf en zeven uur in de avond, en 鬼 betekent: geest, spook. Ook bedient ze zich in het gedicht van een paar karakters waarin het linkerelement酉 zit: 酒吧 (café), 酒鬼 (dronkaard), 醜聞 (schandaal), of van een variatie daarop, zoals 西. Het eerste karakter uit haar titel,養, betekent opvoeden, voeden, houden, zoals je ook een huisdier houdt. Mimi stelde zich zo’n ‘spookje’ voor, zo zei ze erbij, als een populair huisdiertje dat iedereen wel wil hebben, en dat ondanks het feit dat het erg lelijk is!

Ze stuurde me ook de Amerikaanse vertaling. Die had de Chinese karakters die de taalspelletjes betrof in de vertaling opgenomen, met een voetnoot voor de uitleg. Dat vond Ye Mimi prima, want hoe moet je immers al die taaleigen aspecten van het Chinees in een vertaling overbrengen? Als ik dat in het Nederlands voor het eerste deel van het gedicht doe, krijg je zoiets:

het is tegenwoordig erg populair om een 酉鬼 te houden
dat is een soort spook dat tegen de avond tussen vijf en zeven rondzwerft
dit soort spoken vindt het niet alleen leuk om naar het西 (westen) te kijken
maar heeft ook een bamboestok dwars over zijn buik
dit soort spoken is gewoonlijk erg 醜 (lelijk)
maar die lelijkheid heeft zo z’n stijl
hoe lelijker de 酉鬼 hoe geliefder

iedere dag spreken vrouwen om 5 uur af bij postloket 55 op de 5de straat
en openen het pakketje 酉鬼 dat speciaal wordt gebracht op die tijd
een voor een pakken ze de duizelige 酉鬼 eruit     trekken hen stevig bij de hand mee
trekken de 酉鬼 mee naar het酒吧 (café) voor vertier met 酒鬼 (dronkaards)
een zooitje 酉鬼 en een zooitje 酒鬼 (dronkaards) die vingerspelletjes doen
alsof ze een huisdierenvereniging zijn

Ik zag een wezentje voor me zoals Caspar het vriendelijke spookje uit de tekenfilm, maar het leek me toch veel leuker als ik een equivalent in het Nederlands kon vinden, want de Nederlandse lezer bekijkt die karakters toch op een heel andere manier. En een van de leuke dingen van het vertalen is toch altijd weer het vinden van een oplossing voor een in eerste instantie onoplosbaar lijkend probleem. Zodoende veranderde het spookje in een lijkje, want heel veel woorden in de categorie ‘spook’ hebben we niet, en het moest ook nog worden gecombineerd met iets anders. Daarentegen hebben wij juist veel woorden die op het onbeklemtoonde -lijk eindigen; wellicht kon ik Mimi’s taalspelletje om een karakter uit elkaar te trekken, vervangen door een woord dat je in eerste instantie anders leest? De Nederlandse titel werd: een letterlijk houden, en de overige elementen werden in dezelfde stijl aangepast: de dronkaards werden letterzetters die de letterlijken ter vermaak amusement meenemen naar een letterzee:

het is tegenwoordig erg populair om een letterlijk te houden
dat zijn lijken die graag van 5 tot 7 tussen letters zwerven
lijken die het niet alleen leuk vinden om naar een let te kijken
maar die ook altijd met een stokje beginnen
lijken die gewoonlijk erg letterlijk praten
maar die letterlijkheid heeft zo z’n stijl
hoe letterlijker het letterlijk hoe geliefder

iedere dag spreken vrouwen om 5 uur af bij postloket 55 op de 5de straat
en openen het pakketje letterlijken dat speciaal wordt gebracht op die tijd
een voor een pakken ze de duizelige letterlijken eruit
trekken hen stevig bij de hand mee
trekken de letterlijken mee naar de letterzee voor wat vertier met letterzetters
een zooitje letterlijken en een zooitje letterzetters die samen spelletjes doen
alsof ze een huisdierenvereniging zijn

Al met al is ook dat een flinke wijziging, maar het cartooneske element, dat zo belangrijk is in veel van Ye Mimi’s gedichten is hiermee naar mijn mening in de vertaling behouden gebleven. De Nederlandse versie is waarschijnlijk wel wat macaberder, al is vanaf het begin duidelijk dat het om geliefde, vriendelijke lijkjes gaat – ook Caspar het spookje joeg menigeen schrik aan, omdat hij nou eenmaal een spookje was. Het is even wennen. En toch is dit precies waar Ye Mimi’s werk vaak om draait: woorden uit hun context halen, (banale) dingen op een onverwachte manier samenbrengen, waardoor je er als lezer (anders) over na gaat denken.

Pas later realiseerde ik me ineens dat je van ‘letterlijk’ maar een paar letters hoeft te schrappen en dat er dan ‘lelijk’ staat. Een grappige bijkomstigheid! Een beetje geluk bij het vertalen moet je soms ook wel hebben.


Dit essay verscheen eerder in Filter. Tijdschrift over Vertalen (Februari 2019)
Ye Mimi, Ik wist niet dat jij niet wist dat ik niet wist, verscheen bij uitgeverij Vleugels (2018)